To be a fashionasta or not to be. TO BE!

Zodus. Al lang niet meer geblogged. Niet omdat het te druk was. Het was druk hoor, maar geef toe, het is een flauw excuus. Ikzelf gebruik het amper – hum hum. Er was een voornemen. Jawel hoor, ik had mezelf voorgenomen om niet meer te bloggen tot ik mij beter voelde. Zeg me eens, what was I thinking? Serieus, tot ik me beter voelde? Nuja, je kan het me niet kwalijk nemen dat ik het probeerde, want geef nu toe: wie leest er graag steeds hetzelfde geouwehoer? Vandaag kwam dan toch het besef dat het misschien wat langer dan een paar weekjes zal duren voor ik mij “weer goed” voel.

Hoe dat komt? Wel, blijkbaar is een afgebrand huis nogal traumatisch. Ja, ik schrok er zelf ook van. In een wereld vol overlijdens, ziektes en zo’n erge dingen blijft een afgebrand huis moeilijk te relativeren. Eerder een afgebrand leven. Elke dag ga ik doorheen een crisisje of twee. Of drie. Of vier. Waardoor het komt? Kledij en hobby’s. Zo banaal, zo verschrikkelijk banaal, maar toch is het zo. Ergens heb ik het gevoel dat ik me zou moeten schamen ervoor. Iedereen leeft nog, daarmee is de kous af. Wees gelukkig! Wel, dus, zo werkt het niet.

Heden ten dage draag ik een uniform. Uit wat mijn uniform bestaat? All stars of zwarte platte laarzen, een jeansbroek en een basic. That’s it. Geen riempje, geen funky accessoire, geen leuk nonchalant-ik-heb-er-stiekem-toch-een-uur-aan-gewerkt kapseltje of make-up laagje. Nope, niets van dat alles. Noppes. Hoe dat komt? Wel, brand. Accessoires lijkt een leven geleden. De fiere ik die kasten had die uitpuilden, zit zonder een overload aan kleren en accessoires en slaat gewoon tilt. Inspiratie? Nada. Noppes. ‘t Is ook wat moeilijk om inspiratie te vinden met maar 5 jeansbroeken en 6 V-neck truien – eventjes ter verdediging. Doodsbenauwd ben ik om te veranderen in een slons. Zonder dat ik het besef, op een dag, zomaar wakker worden en het niet meer erg vinden dat ik zo rondloop. Mij er niet meer druk in maken en dan, voor je het weet – ik spreek hier als ooggetuige – maak je deel uit van het behang. Of de muurverf, want hier hangt er verf. Beeld het je in zeg!

Hobby’s. Lezen, foto’s, scrappen. Creatief bezig zijn, mezelf expressief uiten. Daar kon ik nogal van genieten, nu kan dat niet meer… Wat als ik op een dag alles kwijt ben? Alle creativiteit, zoef, zomaar. Piets, poets, pats, WEG. Verleerd, opgegeven, vergeten. Zoiets. Zou dat kunnen? Ik weet het niet, maar ben er toch bang voor hoor.

Geen nood, ik ben nog geen behang. Voorlopig blijf ik uitputtend lang balen over het lak aan materialistische zaken. Elke dag vloeien er nog ergens wel traantjes over, het wordt zowaar routine. Mijn vriendje blijft bij mij en me moed in spreken (die man verdient echt iets groots ervoor) en blijft me steunen. Blijft fluisteren dat ik knap en sexy ben – serieus, dit is ware liefde. Hoop. Dat is er ook. Hoe ik dat weet? Koppig, volhardend en doelbewust blijf ik kledij opzij hangen op ’t werk. Ongeacht hoeveel het kost. Een volledig rek hangt al opzij. Waarom? Omdat ik het diep vanbinnen zeker weet. Polkadots en een kokerrok staan me beter dan behang. Later als ik groot (lees: groter) ben, dan word ik terug een fashionasta, met hart en ziel, zoals enkel ik dat kan. ‘t Is echt waar, want mama zegt het ook!