Bye bye honeyz.

Zondag. Zondag zestien januari 2011. De laatste blog die ik schrijf als thuiswonend. Nu woon ik nog bij mijn ouders. Straks niet meer. Straks ben ik weer een beetje groter. Vijftig procent van ons nieuwe gezin, de andere vijftig procent bestaat uit de jongen die mijn wereld is. Samen gaan we bouwen aan onze wereld. Wat spannend. Wat angstaanjagend. Angstig voor wat komen zal, maar tegelijkertijd ook gerust. ’t Is bij hem dat ik ben, ’t is bij hem dat ik weet: “Alles komt goed”.

Gisteren was hard. Het was verscheurend. Vier jaar lang werk ik bij Pimkie, waarvan ik drie jaar lang verantwoordelijke ben geweest. Mijn eerste ploeg was De Panne. Ann-Sofie en Elke waren mijn ploeg. De cijfers waren goed, de sfeer wat gespannen. Wist je dat ik nog zo hard gesmeten heb met een doos kapstokken dat Ann-Sofie dacht dat ik geschift was? (ze had wel een punt hoor) Wist je dat ik nog heb staan roepen tegen Elke en zij tegen mij? Ooit heb ik zelfs gedacht dat ik nooit met haar zou opschieten. Wat een trut leek me dat (so sorry babe!). Achteraf gezien ben ik het meest fier op die twee meisjes. Allebei gerante nu. Ann-Sofie van De Panne, Elke van Oostende. Wat een babes! Er komen nog babes achter.Claire en Allysa, jong, maar talentvol en overlopend van ambitie. Lief en leed hebben we gedeeld. Letterlijk. Hoe de venten ons de kast op jaagden. Hoe ouders en familie ambetant deden. Die twee hebben er zelfs voor gezorgd dat ik honden supercool vindt (vanop afstand dan, maar toch).

Jobstudenten. Geweldig jonge meisjes die ons team versterkten, ik ben ze allemaal dankbaar, maar één in ‘t bijzonder: Sharon. Sharon kwam een kleine drie jaar geleden solliciteren als jobstudent. Zonder aarzelen maakte ik haar lid van mijn ploeg en ze volgde mij. Van De Panne naar Brugge, van Brugge naar Oostende. Geen relatie Verantwoordelijke-Jobstudent, maar echte vriendinnen, dat is wat gebeurde. Gisteren zijn we uit gaan eten, een soort van afscheid. ‘t Was mooi. ‘t Was zoals het hoorde. Mijn Sharon, toch een beetje, met een fantastisch stel ouders en een übercool bobontje. De beste jobstudent ter wereld.

Brugge. Mijn allersmooiste Brugge die het mijne niet meer is. Lynn, Natascha en Birgit. Natascha werkt niet meer bij ons, maar haar ontslag deed me bijna evenveel pijn als zelf weggaan. Lynn en Birgit. God, wauw. Birgit is iemand waar ik graag mee samenwerkte, een gewaardeerde collega. Iemand die rust bracht. Lynn,  daar zijn geen woorden voor. Hoe zij Hans Teeuwen kan quoten, zo kan niemand het. Hoe we kwijlden op Delvaux, hoe we lachtten en gierden. Hoe onze humor op een heerlijke zelfde lijn zit… Wat zalig. Werken met haar voelde nooit als werken, ’t voelde als één grote stand-up show.

Nathalie, mijn allerliefste immer mooie Nathalie. Degene die meer in mij zag dan een verkoopster. Degene die me begeleidde naar een job als verantwoordelijke. Degene die mij maakt tot wie ik ben vandaag. Niet enkel als verantwoordelijke, maar ook als persoon. We hebben het lang niet luid durven zeggen, want het hoorde niet, maar ze is echt één van mijn beste vriendinnen. Geen mens die zo zalig kan bellen als zij en ik. Mijn soulmate, mijn partner in crime. Telkens opnieuw, elkaar helpen, elkaar moed in spreken en elkaar voorzien van de nodige steun. Wat is mijn dankbaarheid voor haar immens.

Wat zal ik ze missen. Eén voor één, allemaal. De sfeer in die winkels is iets wat je niet gauw terugvindt in andere. Hoe we onderling deden met elkaar. Hoe goed we elkaar kenden. Ik ben dankbaar voor mijn nieuwe start in Basilix, tegelijkertijd weet ik dat ik daar nooit zal krijgen wat ik nu heb. Gelukkig is er telefoon, en laat het geweten zijn, er zal veel gebel uitgaan van de 827 naar de 259, 356 en 991.

‘t Is emo nu, en ik weet dat het ambetantig is (whahaha), maar het moest toch gezegd worden. Jullie allemaal zijn de reden waarom ik van mijn job hou.
Merci meisjes. Gewoon. Merci.  Het was mij een eer.

 

Every ending is a new beginning

Hier ben ik dan terug. In vol ornaat. Mooi hé? Ja, zeer mooi. Kijk eens naar beneden, wat zie je daar? Ja, ik weet het: de mooiste laarzen ooit. Een zwarte lederen laars met een hak van wel 15 cm, een overslag en een strikje in het lakleder. Wat ben ik zo ontzettend blij! Ik mag dan in het bezit zijn van maar één paar laarzen, maar laat het mij jou zeggen: het zijn de mooiste ooit. Hoe ik die laarzen heb gevonden? Drie woorden: Bobo, solden, Benjamin. Waar om ik dit vertel? Net deze laarzen? Wel omdat ze mij hoop geven. De dag na de brand ben ik al huilend kledij gaan kopen, omdat het moest. De meest verschrikkelijke shoppingspree die ik ooit heb gehad. Twee jeansbroeken, een jas, drie lingeriesetjes, één pyjama, drie truitjes en vijf paar sokken. Wat heb ik gejankt, wat vond ik het vreselijk. Hoe kon het nu, dat ik zo diep zat. Hoe kon het dat Romina Verwichte niets meer heeft en als verdoofd basics koopt omdat ze echt niets meer heeft. Niets past nog bij iets. Shoppen was niet fijn, het was de hel. Enkele dagen later sleepte mijn vriendje mij mee naar Bobo en sinds dat paar laarzen is hoop een feit.

Sinds die dag, dat moment werd de klik gemaakt in mezelf om de draad op te pikken (for real, je kon die bijna horen). Ik kon de dingen in perspectief plaatsen en de dingen helder bekijken. Mijn vriend en ik hebben gepraat, lang en veel. Behoorlijk impulsief maar vol overtuiging hebben we beslist om samen te gaan wonen. Waarom? Mijn gezin zit in een appartement waar geen 6-persoonsgezin in past. De plannen om samen te gaan wonen lagen al op tafel, maar dan met ingang van september. Het zou gekkenwerk zijn om mijn leven opnieuw op te bouwen in Oostende (in het appartementje), dan terug in Ettelgem (in het nieuwe huis) en dan nog maar eens bij Benjamin (in Aarschot). We doen het nu meteen goed, zonder tussenpauzes. De beslissing was niet makkelijk, want ik had het knagende gevoel dat ik mijn gezin in de steek liet, maar niets is minder waar. Nog meer dan dat ik al ooit was ben ik Romina Verwichte: eerstgeborene en grote zus. Ik blijf ze bijstaan, overnacht hier af en toe nog en help waar ik kan. ’t Is nog een lange tocht, een harde tocht en het zal een helse strijd worden om uiteindelijk 140 000 euro (ja, dat krijg je om een nieuw huis te bouwen, volledig ingericht) los te krijgen van de verzekering, maar we hebben elkaar, dus het wordt een warme tocht, vol liefde, steun en hoop.

Nadat de beslissing was gemaakt werd het werk ingelicht. Ergens was ik ervan overtuigd dat ik ging moeten zoeken naar een nieuwe job. Niets is minder waar. Minder dan 24 uur later kreeg ik een nieuwe winkel toegewezen. Basilix CC, een winkel in oud concept die in week 6 wordt omgebouwd tot een überhippe superstrakke en megacoole nieuwe Pimkie (allen daarheen). Maandag om 8u30 begin ik daar en tot dan zit ik nog in Oostende. Oostende wordt overgenomen door Elke, iemand die ooit begon bij mij als verkoopster. De fierheid die ik daarover heb is met geen woorden te beschrijven, dus begin ik er niet eens aan, maar laat me je wel dit vertellen: ’t is een supermeid! Veel nieuws hé in één blogpost. Vertel mij wat, ’t is mijn leven! Daar ga ik dan, richting mijn Benjamin, naar een nieuwe stad en een nieuwe job met een volledige bezitting die past in 3 vakjes van een Expedit kast en kledij die nog geen bar van een meter vult. Maar vergeet het niet: ik ga op een paar fantastische killer laarzen die enorm stijlvol zijn, dus wees maar zeker… Ik ga in stijl.

 

2010 is voorbij. Wedden dat 2011 beter wordt?

Een brandweerauto of acht. Een handjevol politie combi’s. De civiele bescherming. Een afgezette straat. Mijn vriendje die bij mij was in de tijdspanne van een uur. De beste vrienden van mijn ouders die bij me bleven, die me ondersteunden. De verzekeraar. Experts. En dan, dan denk je: “Uh.Oh.”. Je ouders komen toe, je gaat erheen en prevelt: “Sorry”. Je papa neemt je vast en je mama zegt: “Sssht zus, niet wenen, ‘t is niet erg, ‘t is maar een huis.”. Wel, dat is de bevestiging, dan weet je het wel heel zeker. Dit is Uh Oh.

We zijn een paar dagen later en nog steeds kan ik niet goed bevatten wat de gevolgen zijn. Elke paar uur, of soms in hoger tempo schieten er dingen door mijn hoofd die verdwenen zijn. Basic dingen, zoals een bed (ja, die besefte ik pas een volledige dag erna: “Mijn bed is weg”.), titels van boeken, en dan andere dingen. Mijn foto’s van Barcelona. Mijn vriendenboekjes… Van het eerste leerjaar tot december 2010, allemaal weg. Oh my god… And the shoes.

Desondanks alle negatieve dingen die ik voel en het ongelooflijke gevoel van onmacht die meer en meer deel van mij gaat uitmaken voel ik ook mooie dingen. Mensen die uit elke mogelijke hoek steun betonen, hoop geven en moed inspreken. Ik (en mijn familie) hadden nooit gedacht dat zoveel mensen hun schouders onder ons gingen plaatsen om ons zo de kracht te geven die nodig is.

Het afgelopen jaar ging ik door de hel met mijn Benjamin, verloor ik mijn beste vriend, en onlangs verloor ik elk tastbaar gegeven, elke bezitting uit mijn leven. Door alles heen stond een handjevol mensen klaar. Nu, onverwachts en des te mooier staat een heel leger klaar met hulp en steun. Hoe je het ook doet, wie je ook bent. Mijn wens is dat ik ooit de kans krijg jou te bedanken. Jij die helpt en/of steunt.


Eén van de laatste foto’s in het huis. Een zalige herinnering. Kerstmis omringd door wie je liefhebt.